END 20.20, END 20.40 // eindschakelaar

  • Zeer nauwkeurige differentieel-tandwieleindschakelaar voor 580 (EWA 10– EWA 14 / EZW 64) resp. 395 (EWA 16) asomwentelingen. Doordat de schakeltandwielen direct in de uitvoeras grijpen, veranderen ook na jarenlang gebruik de uitschakelpunten niet.
  • Eersteklas, waterdichte, precisie-eindschakelaars garanderen ook onder de meest extreme omstandigheden een foutloze functie.
  • Geïntegreerde klemmenstrook voor eindschakelaars. Inbouw van een afstandsmeter PAR 06 met insteekbare aansluitklem optioneel.
  • Nauwkeurige afstelling van het uitschakelpunt mogelijk dankzij hoge tandwielvertraging.
  • Goudcontacten voor alle spanningen standaard.

Optie:

  • Extra eindschakelaar END 20.40 die in het geval van een fout van het relais via een aanwezig volgrelais Nood-Uit activeert.

HI (schakelaar draairichting I)
HII (schakelaar draairichting II)
SI (extra schakelaar draairichting I)
SII (extra schakelaar draairichting II)

Volgrelais (Nood-Uit geschakelde toestand)

Lock Antriebstechnik // lockdrives - Endschalter END 20

Instelling

( 1 ) Draai het deksel van de eindschakelaar met de pakking eraf en bewaar deze.

  • De volgende schakelfuncties zijn vooraf ingesteld: Schakelaar HI schakelt draairichting I uit, schakelaar HII schakelt draairichting II uit.

( 2 ) Draai de aandrijving aan de motoras met een boormachine en zeskant-bit in een eindstand. Houd hierbij de draairichting van de uitvoeras in de gaten en vergelijk deze met de pijl van de draairichting.

( 3 ) Verdraai de drie stelringen van de eindschakelaar voor de vastgestelde draairichting tot de eindschakelaar-rol ongekanteld in de schakelsponning vast klikt. Bevinden zich de drie schakelsponningen op één lijn, dan liggen ook de drie schroeven in de stelringen op één lijn.

( 4 ) Draai de schroeven in de stelringen met een zeskantsleutel SW 1,5 vast. Een geschikte momentsleutel (15-17 Ncm) is als Lock accessoires verkrijgbaar.

( 5 ) Draai de aandrijving gelijk aan stap 2 in de andere eindstand. Verdraai de drie stelringen van de andere eindschakelaars gelijk aan stap 3. Draai de schroeven in de stelringen gelijk aan stap 4 vast.

( 6 ) Proefdraaien: Een keer openen en een keer sluiten. Maak de eindschakelaar weer goed dicht.

  • X = eindschakelaar overschreden, gekantelde toestand

Opmerking:

  • Bij de uitvoering met END 20.40 zijn door het instellen van de hoofdschakelaars HI en HII automatisch de extra schakelaars SI en SII ook ingesteld.